Bezienswaardigheden in West-Terschelling

Vuurtoren Terschelling

De Brandaris is de zo herkenbare vuurtoren van Terschelling. Het is de oudste vuurtoren van Nederland.

Een heilige toren

De naam is afgeleid van Sint Brandarius, een heilige waarnaar het huidige dorp West-Terschelling in de Middeleeuwen was vernoemd. Er zijn mensen die beweren dat de naam komt van Sint-Brandaan, een zeevarende heilige, alleen dit is nooit bewezen.

De eerste dankzij Kampen

De eerste toren heette nog geen Brandaris. Hij werd gebouwd in 1323, om schepen die via de Zuiderzee op weg waren naar Amsterdam goed door de nauwe opening tussen Vlieland en Terschelling te laten varen. Een goede markering was nodig, omdat de Waddeneilanden vanuit de Noordzee gezien veel op elkaar lijken. Hanzestad Kampen betaalde mee aan deze eerste vuurtoren.

Driemaal is scheepsrecht

Omdat de zee Terschelling langzaam 'opat', stortte de eerste vuurtoren rond 1570 in zee. Het duurde tot 1592 voordat er aan de bouw van een tweede toren werd begonnen. Alleen deze Brandaris stortte al in voordat hij klaar was, door de slechte bouwmaterialen die waren gebruikt. De huidige toren dateert uit 1594 en staat nog steeds.

Technologische ontwikkelingen

De Brandaris liep vaak voorop met nieuwe ontwikkelingen: in 1837 werd het eerste draaiende licht geplaatst en in 1907 kwam er een lamp met elektrische aandrijving. Sinds de restauratie in 1977 is er ook een lift. Het licht is tegenwoordig volkomen automatisch en er is heeft speciale vogelverlichting om te voorkomen dat vogels tegen de toren vliegen.

Zout eet steen

De zoute lucht en het weer eten nog steeds aan de Brandaris, waardoor onderhoud nodig blijft. Begin 2010 begon Rijkswaterstaat aan het opnieuw voegen van de toren. Even was er sprake dat de bemanning van de Brandaris naar de nabijgelegen zeevaartschool zou gaan, maar uiteindelijk is dit niet doorgegaan.

Bezoeken niet meer mogelijk

Tot in de jaren '80 kon de Brandaris worden bezocht, maar helaas is dit nu niet meer mogelijk. De reden hiervoor, is dat een groot deel van de Noord-Nederlandse kust door de Brandaris in de gaten wordt gehouden. De vuurtorenwachter heeft het hier heel druk mee en mag daarom niet worden afgeleid door bezoekers.